De nacht roerselt mijn ziel,in schaduwenvan transparant tot wit satijn.Geen dageraad, geen ochtendkan klaarder zijn.
Zijn liefde tastbaar mij omringt,
ik voel mij gedragen
ik weet mij bemind.
't Zij dag, 't zij nacht,
Hij is bij mij,
bij eenieder
die Hem ontmoeten wil.
Hij gaat nooit heen,
oneindig trouw,
geen mens als Hij
die zoveel
van een ander houdt.
De nacht roerselt mijn ziel,en kleurt stilaan mijn dageraad.
Eens komt de tijdvan de grote ontmoeting,- een nieuw begin -nog ver, dichtbij?
HIJ zal er zijn,heel dicht bij mij.
ria - nacht 10 juni 2010
