Ik dwaal in de tuin van herinnering, de tuin van mijn jeugd
met zonnestralen en bloemenkransen omhangen;
de oorlog pas voorbij, in die schitterende maand mei.
De tuin van mijn kindsheid met heerlijke blauwe pruimen
en tenten vol kindergeluk; vaderke en moederke spelen
met zusjes, nichtjes en neefje en het broertje dat later zou komen
Ik dwaal in de tuin van herinnering, de tuin van de liefde,
die ieder jong meisje zo verlangend ontmoet in haar dromen.
Voortaan het centrum in haar leven, tot ze samen nieuw leven geven.
Ik dwaal in de tuin van herinnering, van moeder zijn en oma worden
en weer met twee, hij en ik, terwijl het kroost is uitgezworven.
Niet lang meer, niet ver meer, is de weg die ik mocht gaan.
Nog vijf, nog tien, nog vijftien jaar? Alleen Hij weet en dat volstaat.
Ik dwaal door de tuin van ‘n gelukkig leven en dank met heel mijn hart
voor alles, wat Hij mij zo kwistig heeft gegeven.
ria - 13 mei 2009